Verzekeringsmakelaars zien hun marktaandeel krimpen en zouden maar
schoorvoetend de mogelijkheden van internet verkennen. Tot overmaat van
ramp dreigen ze door de toename van distributiekanalen te worden
weggedrukt. Heeft de makelaardij nog een toekomst?
De dagen dat de verzekeringsmakelaar in een comfortabele positie zat en
vanuit een quasi-monopolie de markt kon besturen, zijn definitief voorbij.
De makelaardij moet vandaag genoegen nemen met een plaatsje tussen
bankverzekeringen, directverzekeraars en affinity writing (polissen
aangeboden door derden, zoals autodistributeurs).
België heeft nochtans een rijke makelaarstraditie en anno 2000 zouden
ongeveer 30.000 Belgen op een of andere manier verzekeringen verkopen. Het
aantal verzekeringsmakelaars pur sang in België valt niet duidelijk af te
lijnen. Nog altijd 50% van de distributeurs zijn occasionele verkopers,
maar daar zitten minder en minder onderwijzers bij die na hun uren
polissen verpatsen.
Sommige agenten werken dan weer onafhankelijk voor de verkoop van
verzekeringen, maar zijn voor andere financiële producten aan een
kredietinstelling gebonden.
1. Levensverzekeringen zijn voor de banken
Het leidt in elk geval geen twijfel dat het marktaandeel van de
makelaars de jongste jaren is gedaald. Dat geeft ook Christophe de
Moraes toe, algemeen directeur van de Federatie van
Verzekeringsmakelaars (FVVM, 785 leden). De federatie groepeert kleine
en middelgrote kantoren waarvan 80% een commissieomzet van minder dan 10
miljoen boekt. Grotere makelaars zijn vooral in de Beroepsvereniging
van Verzekeringsmakelaars (BVVM) verenigd.
"De cijfers over de marktaandelen moeten wel wat worden
genuanceerd," zegt Christophe de Moraes. "Vaststaat dat de
makelaar in de zogenaamde niet-leven-branche, zoals de
schadegevallen, de grootste speler blijft. Wij palmen daar 81% van de
markt in." Het pijnpunt zijn de levensverzekeringen, waar de banken
een steeds grotere hap uit de markt nemen. Makelaars en banken hangen elk
rond de 40%. Een verklaring voor die cijfers is te vinden bij de tak23-producten,
levensverzekeringen gekoppeld aan een beleggingsfonds. "Maar die
groei komt eigenlijk in de plaats van gewone spaarproducten," aldus
De Moraes. "Bovendien moeten we ook 82 miljard aan zaken in de
tak-leven in rekening brengen die in Luxemburg zijn geplaatst. De markt
van de levensverzekeringen is aan het groeien en het zijn de banken die
het grootste stuk van de koek inpikken. " Toch zien verschillende
analisten de rol van de makelaars in de leven-branche verder afbrokkelen.
2. De makelaar wordt een adviseur
Het beroep van makelaar is in elk geval aan een herijking toe. De rol
wordt fundamenteel herzien om te vermijden dat andere distributiekanalen
de sector de keel dichtknijpen. De makelaar is niet langer een
tussenpersoon tussen verzekeraar en klant, maar wel een adviseur in
risicobeheer en -spreiding. "De makelaar kan nog altijd een
toegevoegde waarde betekenen, gewoon omdat hij een behoefteanalyse van de
klant kan maken," zegt De Moraes. "Men mag dan al schamper doen
over producten als de familiale verzekering, als kinderen een trein laten
ontsporen, wordt het debat plots actueel."
Een klantgerichte aanpak dus: het klinkt als een cliché, maar dat is
het niet. Veel verzekeringsmaatschappijen hebben alleen nog oog voor de product
range.
Ze weten hoeveel het premie-incasso in BOAR (Brand, Ongevallen, Alle
Risico’s) en Leven bedraagt, maar kunnen niet nagaan welke polissen elke
klant afzonderlijk heeft afgesloten. Verzekeraars weten wat een polis is,
maar niet wat een klant is. Precies daar kunnen makelaars het verschil
maken.
3. Bang van bankverzekeringen en affinity…
De positie van de brokers verzwakt, maar ze worden niet
weggeveegd. Het traditionele kanaal heft immers de beschikbare
dienstverlening en een grote toegevoegde waarde als troeven.
Verschillende studies (onder andere van Mckinsey) hadden
halverwege de jaren negentig voorspeld dat de nieuwe distributiekanalen
zoals bankverzekeringen het klassieke system zouden ondergraven. De
branchvervaging heeft de makelaar echter niet buitenspel gezet.
Derden zoals autodistributeurs die verzekeringsproducten verkopen –
de affinity writers – verwerven wel een steeds groter
marktaandeel. In de toename van de distributiekanalen moeten de makelaars
dus niet alleen met bankverzekeraars rekening houden. Een voorbeeld: voor
ongeveer de helft van de nieuwe wagens die vandaag in België worden
verkocht, kan de klant bij zijn dealer terecht voor een autoverzekering.
Een dikke streep door de rekening van de makelaars, van wie de
portefeuille voor ongeveer de helft uit autoverzekeringen bestaat.
Bovendien zullen die affinity-groepen van autobezitters vroeg of laat ook
voor andere verzekeringen worden benaderd. Zij hebben immers een klare
kijk op de behoeftestructuur van de klanten. "Dat verklaart ook
waarom een voetbalclub zoals Manchester United polissen aan zijn
supporter verkoopt," zegt Philippe Vercruysse, specialist
verzekeringen bij Arthur D. Little. "Zij beschikken over
informatie waar de doorsnee verzekeraar alleen van kan dromen."
Mogelijke spelbrekers zijn ook de directverzekeringen (onder andere
Corona, CB Direct). Hun marktaandeel blijft echter beperkt tot 3%.
In vergelijking met het buitenland draaien directverzekeringen in België
op een laag pitje. Zij worden niet als rechtstreekse concurenten voor de
makelaar beschouwd omdat de Belgische markt voor direct writers
eigenlijk te klein is.
4… maar niet van internet
Zeggen dat internet de makelaardij fundamenteel zal veranderen, is een
open deur intrappen. Van een paniekreactie is echter geen sprake.
Makelaars zien zelfs mogelijkheden om hun meerwaarde uit te spelen. De
Moraes: "De consument zal niet bereid zijn om zomaar een polis via
het net af te sluiten. Internet zal vooral een informatiefunctie
hebben." Dat sluit aan bij de refentiesites Eccent en Assurweb:
consumenten kunnen op de site hun profile en wensen invoeren en dan on
line-offertes krijgen. Van daaruit kunnen ze doorklikken naar een
maatschappij of makelaar. Zelf worden er dus geen verzekeringen verkocht:
men blijft binnen de bestaande distributiestructuren.
Toch bestaan er al internetsites die rechtstreeks verzekeringsproducten
verkopen.
Ineas Insurance Company biedt in België, Nederland, Duitsland en
Frankrijk familiale verzekeringen aan. Binnenkort worden daar de polissen
auto en ongevallen aan toegevoegd en in een later stadium reis- en
bijstandsverzekeringen. Ineas wil het verschil maken op een van de
gevoelige punten in de branche: de lage marges hebben veel te maken met de
kosten die er in de sector bestaan. "IT wordt gebruikt om die kosten
te drukken," zegt chief executive officer (CEO) Niek Ligtelijn van
Ineas. " Het is een aparte structuur die losstaat van de klassieke
verzekeringen. Maar het blijft belangrijk om informatie te verschaffen.
Daarom maakt Ineas gebruik van Primes, een risicobeheerstool om
feiten en cijfers in verband met risico’s te consulteren. Daarnaast
omvat Primes nog een aantal hulpmiddelen waarmee de klant zijn persoonlijk
risico kan inschatten."
De FVVM pakt dan weer uit met Brocom: een tool waarmee een
makelaar zijn eigen website kan creëren en hyperlinks naar andere
sectoren maken. Een verschil met veel verzekeraars die internet gewoon als
marketingsinstrument voor hun bedrijf gebruiken. Daar is de toegevoegde
waarde ver te zoeken.
Alain Mouton