Ineas wil Europa veroveren
door Bart Mos
Anderhalf jaar geleden startte hij de voorbereidingen van wat nu de
allereerste virtuele verzekeraar van Europa lijkt te worden. Lijkt, omdat
de eerste polis van de nieuwe maatschappij Ineas Insurance nog verkocht
moet worden. Eind deze maand begint de verkoop, geheel via Internet. Eerst
in Nederland, vervolgens in Duitsland en België. Oprichter Niek Ligtelijn
denkt alvast in het groot: "We kunnen straks 380 miljoen Europeanen
bereiken".
De sfeer op het kantoor van Ineas in Amsterdam is vrolijk gespannen.
Voor het eerst zal er een boekje open gedaan worden over de onderneming
die ruim een jaar in het diepste geheim heeft geopereerd. Zelfs nu nog,
enkele weken voor de start, wil bestuursvoorzitter Ligtelijn niet volledig
open kaart spelen. Details over de dienstverlening van Ineas op Internet
komen niet over z'n lippen. Zo weigert hij in te gaan op de vraag of de
klant straks Ineas-premies on line met die van andere aanbieders zal
kunnen vergelijken. Ook vragen over de marketingstrategie blijven
onbeantwoord. Ligtelijn: "Ja zeg, we hebben niet twee jaar aan
onderzoek en miljoenen geïnvesteerd om nu op het laatste moment de
concurrentie een handje te helpen. Timing is voor ons cruciaal. De
Nederlandse markt reageert niet, omdat ze simpelweg niet weten dat we er
zijn".
Wél duidelijk is dat Ineas in eerste instantie de verkoop van
standaard particuliere verzekeringsproducten ter hand zal nemen zoals
auto, inboedel, opstal, ongevallen en aansprakelijkheid. De verkoop van
reisverzekeringen volgt korte tijd later, in samenwerking met
reisverzekeringsspecialist Elvia.
Gemak, prijs en service moeten de klant zover brengen om het Internet
voor zijn verzekeringsbehoeften te gebruiken. De verzekeringen van Ineas
kunnen tegen een concurrerende prijs en met één klik op de muis
afgesloten worden, direct nadat aan de klant offerte is gedaan en er
bijvoorbeeld gekozen is voor een variabel eigen risico. Indien gewenst
wordt de polis daarna opgestuurd. De verzekerde kan vervolgens op ieder
gewenst tijdstip zijn portefeuille inzien en krijgt bovendien
preventie-adviezen die toegespitst zijn op zijn situatie.
Volgende eeuw
Na diens vertrek als algemeen directeur van Amev Interlloyd in oktober
1996 (om onduidelijke redenen tijdens één van de vele reorganisaties
aldaar) is Ineas-oprichter Nick Ligtelijn bepaald niet bij de pakken neer
gaan zitten.
"In de maanden na mijn vertrek heb ik een scan gemaakt van wat er
om ons heen gebeurt in de verzekeringsindustrie. Het klinkt misschien
raar, maar op zo'n moment kriljg je eindelijk tijd om eens op zoek te gaan
naar informatie die je beeld bepaalt voor de volgende eeuw. Ik richtte mij
daarom op ontwikkelingen die de verzekeringsbranche de komende jaren gaan
beïnvloeden. Zaken als marketingtrends en de veranderende klanthouding
bijvoorbeeld, maar ook het ontstaan van één Europese binnenmarkt.
Vanzelfsprekend richtte ik me ook op de rol die de informatietechnologie
in onze branche gaat spelen. Daarvoor ben ik onder meer op bezoek gegaan
bij de Amerikaanse toezichthouder en de branche-organisaties ginds."
"De oprichting van Ineas was daarna een logische stap. Ik noem het
zelf weleens EC2 (Ligtelijn is een groot liefhebber van
formules, bm), wat staat voor Electronic Commerce en European Community.
Daar draait kort gezegd alles om bij Ineas. We maken gebruik van nieuwe
technieken, in combinatie met de veranderende omgeving, ofwel
Europa."
Netwerk
Ligtelijn zegt weinig problemen te hebben gehad om financiers (een
Zwitserse en Arnerikaanse investeringsmaatschappij en Ligtelijn en enkele
andere particuliere investeerders) voor zijn plannen en partners voor het
bedrijf te vinden.
"Dat ging allernaal vrij vlot. Ik beschik over een behoorlijk
netwerk en mijn visie op toekomstige ontwikkelingen werd al behoorlijk
snel gedeeld. Desondanks duurde het toch nog vrij lang voordat we alles op
poten hadden. Aan de andere kant: er zijn niet veel
verzekeringsmaatschappijen die beginnen met een schoon blad papier, zoals
wij."
"Ruim een jaar geleden was er nog niets. Nu staat er een bedrijf
met dertien medewerkers dat als een spin in een web - een intranet-
contact heeft met samenwerkende bedrijven aan wie we werkzaamheden
uitbesteden, ook wel outsourcing geheten. Iedereen die bij Ineas betrokken
is - in totaal gaat het om zo'n honderd mensen - werkt on line. Via
datzelfde netwerk bebben we straks de mogelijkheid om naar 380 miljoen
Europeanen te distribueren. Iedereen kan allways en anywhere met ons
communiceren."
Maar die 380 miljoen Europeanen hebben toch lang niet allemaal een
aansluiting op Internet?
"Niet allemaal nee, maar de toename van het gebruik van Internet
zal de komende jaren in Europa wel veel sneller gaan dan bijvoorbeeld in
Amerika waar de e-commerce nu al een grote omvang heeft. Dat komt door de
infrastructuur die we hier hebben en de remmende voorsprong waar ze in
Amerika mee zitten. Als je nu bijvoorbeeld een PC koopt, dan zit daar
alles voor Internet al op. Het is een kwestie van de stekker in het
stopcontact steken. Dat kan iedereen. Bovendien wordt het gebruik straks
gratis. Wij houden er rekening mee dat binnen afzienbare tijd de helft van
de Nederlandse huishoudens één of andere aansluiting op Internet heeft.
Het wordt een doorsnee distributiemethode voor een substantieel deel van
de verzekeringsmarkt. Zodra de banken het mogelijk maken om veilig
betalingen via het Internet te laten verlopen, dan komt de
verzekeringsindustrie ook over de brug. Nu stelt de aanwezigheid van
verzekeraars op Internet nog weinig voor. Een reisverzekeringetje hier,
een prernieberekening daar. "
Techies
"Wij richten ons op iedereen die op dit moment een aansluiting
heeft, maar méér nog op de grote groep die nog een aansluiting moet gaan
nemen. De groep van techies, die al jaren van Internet gebruikmaken
interesseert ons niet echt."
"Gezien het bereik was het misschien logischer geweest om ons te
richten op het mkb, omdat het aantal Internet-aansluitingen daar beduidend
hoger ligt dan bij particulieren. De complexiteit van producten en
risico's is daar echter veel groter dan bij standaard producten. Vandaar
onze voorlopige focus op de particulier."
Was het eigenlijk niet veel eenvoudiger geweest om bij een bestaande
verzekeringsmaatschappij de distributie via Internet te gaan opzetten?
Gemakkelijk is vaak niet het meest interessant. Ook de uitdaging om
hier iets te realiseren telt. Nog belangrijker is echter dat je werkelijk
vrij moet zijn om een kans als deze te kunnen exploiteren. Het is prettig
niet geremd te worden door bestaande structuren in de organisatie. Met
andere woorden: we zijn de boel hier aan ontwerpen in plaats van
herontwerpen."
Verzekeren is voornameliik gebaseerd op vertrouwen. Hoe weet de
consument straks of hij het virtuele ineas kan vertrouwen, en andersorn:
hoe weten jullie of die 'onzichtbare' klant wel te vertrouwen is?
Ach, je hebt te maken met een nieuwe maatschappij en een nieuw
distributiekanaal. Het voorvoegsel 'virtueel' vind ik bovendien niet
prettig. We bestaan wel degelijk. De titel web-enabled past ons beter. We
zijn een specialist die zich richt op een beperkt deel van de markt. Dat
wil zeggen: in eerste instantie, want gaandeweg zullen we ons
productenpakket uitbreiden. Gelijk met de groei van het Internet zullen we
het vertrouwen langzaam aan verdienen, want vertrouwen kun je nou eenmaal
niet kopen. We moeten het eerst waarmaken. Onze reputatie zal vervolgens
meegroeien met de ontwikkeling van het medium."
"Voor wat onze fraudegevoeligheid betreft, realiseren we ons goed
dat we nieuw op de markt zijn. Zonder in details te willen treden, meld ik
dat we kandidaat-lid zijn van het Verbond van Verzekeraars en dat we alle
technieken zullen gebruiken om misbruik in een vroeg te voorkornen".
We nemen aan dat Ligtelijn doelt op het gebruik van databanken als Fish,
waarin alle claims van verzekerden zijn vastgelegd. Maar bevestigd krijgen
we dit niet.
Obscuur
"In de tussentijd dragen wij zorg voor de randvoorwaarden om het
vertrouwen uberhaupt te kunnen winnen. Daarom beschikken we over een goede
kapitalisatie (f 20 mln, waarvan ruim f 4 mln geplaatst), en zijn we in
Nederland gevestigd met bijbehorend toezicht, in plaats van in één of
ander obscuur land waar het opzetten van ons bedrijf véél eenvoudiger
zou zijn geweest. "
Ook het management is volgens Ligtelijn van een kaliber dat de toets
der kritiek zou doorstaan: "Er is hier in het managementteam
jarenlange verzekeringservaring op hoog niveau aanwezig."
Het management blijkt overigens vrijwel volledig te bestaan uit
voormalige collega's van Ligtelijn. De gepensioneerde Ruud van Baalen uit
z'n tijd bij Sedgwick, de Duitser Wolfgang Franke en Sjoerd Vredenberg
kent hij nog uit z'n Fortisperiode bij Amev Interlloyd en de Belgische
marketingmanager Annemie Averill was ooit een collega van hem bij de
Amerikaanse verzekeraar Factory Mutual.
Ligtelijn: "Ik heb m'n netwerk gebruikt om mensen te vinden en er
kon natuurlijk niet openlijk geadverteerd worden".
De nieuwe verzekeraar blijkt ook op behoorlijk grote schaal gebruik te
maken van de diensten van studenten. Zij ondersteunen een aantal
Ineas-projecten' (Ligtelijn heeft de oprichting van zijn bedrijf opgedeeld
in welgeteld 130 projecten) en waren in veel gevallen al in een vroeg
stadium bij de plannen betrokken. De studenten zijn, net als de partners
van Ineas, afkomstig uit diverse Europese landen. Ook zij zijn niet op het
kantoor van Ineas te vinden, maar zijn thuis on line bezig in opdracht van
de verzekeraar.
Wie ziin precies die partners waaraan jullie de werkzaarnheden
uitbesteden?
"Om met de schaderegeling te beginnen die is voor Europa inhanden
van Birs, het Belgische zusje van ISB. De schadevaststelling, expertise en
onderzoek in Nederland gebeurt door Sarex, Benjamins & Benjamins en
0&0. De coördinatie van IT-werkzaamheden is in handen van het
Nederlandse bedrijf Kender Tijs uit Veenendaal. Een ander doel van de IT
kennis komt van een bedrijf uit Munchen dat zich vooral bezighoudt met de
prernieberekeningssystemen. De website is weer ontwikkeld door een bedrijf
uit Antwerpen, en de software voor de backoffice komt wederom uit
Duitsland. Tevens maken we gebruik van het callcenter van Elvia Assistance
hier in Amsterdam."
In uw vorige functies verklaarde u het het assurantie-intermediairr
heilig als distributiekanaal. Is dat standpunt innnddels gewijzigd?
"Welnee, er zal altijd een belangrijke rol weggelegd blijven voor
het intermediair. Er zijn situaties en producten te bedenken waarin je
naar de specialist toe stapt. Maar dan moet dat ook werkelijk een
specialist zijn en niet een doorgeefluik van verzekeraars. Daar wil ik
niet mee zeggen dat wij alleen maar bulkproducten zouden kunnen aanbieden.
Ineas kan de klant ook van een advies voorzien. Dat advies kan dan
resulteren in een product van Ineas ja. We zijn natuurlijk geen
nonprofit-organisatie."